Karel v.d. Nagel in de begintijd van de ODV

Wat de Orde gelooft

  • Wij geloven in één God, wiens Goedheid en Liefde ons geschapen heeft, ons in stand houdt, ja, ons wezen en zijn betekent.
  • Wij geloven dat Hij voortdurend grote geesten tot bewustzijn wekt die, gezonden door Hem, waarheden omtrent Zijn Wezen en Zijn verkondigen, daar waar dit mogelijk en noodzakelijk is.
  • Wij geloven dat Jezus Christus voor de geldende periode de Grote Waarheid en Lichtbrenger is.
  • Wij geloven dat Zijn Zending en Leer voor ons een onmiddellijke Goddelijke Waarheid betekenen.
  • Wij achten echter ook andere profeten en waarheidsbrengers als Gautema, Boeddha, Siddharta en Mohammed de profeet van de Islam groot, omdat ook zij de mensheid verder tot bewustzijn geleid hebben.
  • Wij zijn ervan overtuigd dat deze Lichten der mensheid, gezamenlijk werkend, ook verder de bewustwording van mens en geest trachten te bevorderen.
  • Wij geloven dat de Grote Broederschap die, op aarde werkend, voortdurend de bewustwording der mensheid in goede banen tracht te leiden, werkt met door een Goddelijke Bewustzijn gedrongen Goddelijke kracht.
  • Wij geloven dat al het werk dat wij kunnen doen slechts te danken is aan diezelfde kracht.
  • Wij zijn er ons van bewust dat zonder deze Goddelijke kracht niets tot stand zou kunnen worden gebracht.
  • Wij geloven dat voor elk wezen een uiteindelijke bewustwording het enig doel en einde van het bestaan kan zijn.
  • Wij menen en geloven oprecht dat onze Schepper ons niet zal verwerpen, maar ons, wanneer wij aarzelen en niet aanvaarden wat Hij ons als bewustwording voorlegt, doet terugkeren om deze ervaringen hernieuwd te ondergaan ongeacht in welke sfeer of wereld.
  • Wij geloven dat elk wezen verantwoordelijk is voor zijn eigen daden en dat binnen de beperkingen van ons eigen wezen een vrije wil bestaat.
  • Wij geloven dat God ons niet zal oordelen of veroordelen. Wij zijn ervan overtuigd dat wij, met Zijn Grootheid en Liefde geconfronteerd en ons wezen en daden beziende, een oordeel over onszelf zullen moeten uitspreken.
  • Wij geloven in de eenheid van al het geschapene.
  • Wij geloven dat deze eenheid voor ons betekent: een steun in alle dingen wanneer wij het Goddelijke ook daarin kunnen herkennen.
  • Wij geloven dat de Wet van Liefde boven alle natuur gaat, hoe ook geschapen en in welk wezen dan ook.
  • Wij geloven dat de Goddelijke wetten, ingeschapen in ons en zoals zij geuit zijn in het Al voor ons, de leidraad kunnen vormen langs welke wij snel en waardig tot bewustzijn kunnen komen.
  • Wij geloven dat geen volmaaktheid en volmaakt geluk voor ons mogelijk is wanneer niet al degenen die mét ons deel van de Schepping zijn en bewustzijn bezitten, opgetrokken zijn tot het peil der Goddelijke Volmaaktheid.

 

 

Onderstaand vind u een kort fragment uit de beginsel-verklaring van de Orde der Verdraagzamen.

Deze beginsel-verklaring werd mediamiek ontvangen tijdens een bijeenkomst op 10 maart 1955.

Wilt u de gehele tekst lezen dan kunt u de beginselverklaring hier downloaden.